Column Paul Cliteur: Slavernijverleden en individuele schuld

In een moderne democratische rechtsstaat kan een individu alleen schuldig zijn op basis van zijn eigen optreden. Niet op basis op het optreden van zijn vader, zijn moeder, een familielid of een voorouder. Kinderen van NSBers zijn zelf geen NSBers. Kinderen van een moeder die in de prostitutie heeft gewerkt zijn zelf geen prostituees. Individuele verantwoordelijkheid en individuele schuld vormen een vast uitgangspunt van het moderne denken.

Maar onder invloed van een uit Amerika overgewaaide agressieve identiteitspolitiek worden wij nu verleid dit principe van individuele schuld los te laten en collectieve schuld als uitgangspunt te hanteren. Althans als het om de onderwerpen gaat die deze identiteitspolitiek ons wil opdringen, zoals collectieve schuld over een slavernijverleden.

Maar daar moeten we niet in meegaan. Althans niet wanneer het excuses door onze regering betreft, gedaan namens de gehele Nederlandse bevolking.

Dan nog iets over die “gehele Nederlandse bevolking”. Het over-, overgrote deel van de Nederlandse bevolking van voorgaande generaties bestaat uit hardwerkende en keurige mensen die helemaal niets met slavernij te maken hebben gehad en daar ook niet aan heeft verdiend. Wie een telg is uit een Amsterdamse regentengeslacht en de behoefte voelt zich voor een verleden in de slavenhandel te excuseren, ga je gang. Ook al gaat het om ingebeelde zonden, ga je gang. Maar wij moeten de regering of de koning nooit machtigen zulk soort excuses te formuleren namens de gehele Nederlandse bevolking. Dat zou neerkomen op een mandaat om onze voorouders nodeloos te beledigen en op te zadelen met zonden die zij helemaal niet hebben gepleegd.

Met dank aan Adjiedj Bakas, een van de weinigen die in dit soort discussies licht laat schijnen in de duisternis van de politieke correctheid die ons omringt.

De 1,5 meter-samenleving sneuvelt: straks weer volle treinen, drukke winkelstraten en massa’s toeristen

De maatschappij moet weer open. Per direct. Maar in de juiste balans, schrijft winkelonderzoeker Hans van Tellingen. Zodat aan de ene kant de economie en het land weer kunnen functioneren, en aan de andere kant het coronavirus onder controle komt. Want het kan niet zo zijn dat het virus wint en Nederland aan de bedelstaf raakt. En dat daardoor de gezondheid van Nederlanders verslechtert en hun levensverwachting daalt.

Dat benadrukte ik aan het slot van een vorige blog en zo begin ik dit artikel. Sterker nog, in een andere recent blog heb ik deze aanbeveling óók opgenomen.

Anderhalve meter afstand houden, is ongrondwettelijk

Het is helder. Een anderhalvemetersamenleving is niet normaal. Onderling ruim afstand houden, druist in tegen de menselijke aard. Het druist in tegen alles waarin ik geloof, en waarin vele anderen geloven. Daarbij is een anderhalvemetersamenleving ongrondwettelijk, vindt ook de Raad van State, adviesorgaan van de regering en de hoogste rechtsprekende instantie. Ik citeer:  ‘De noodverordeningen kunnen echter geen basis bieden voor een verbod op samenkomsten in de strikte privésfeer.’ Dat houdt in dat boetes – in combinatie met een strafblad – niet zullen standhouden in de rechtbank

Want hoewel ik niet geloof in een kwaadaardig complot dat de overheid ons op orwelliaanse wijze in het gareel wil krijgen, is de angst in de maatschappij geslopen. Tot in de haarvaten van de bevolking zelfs. En dat leidt uiteindelijk, onbedoeld, wel tot orwelliaanse effecten. Zoals het verbod op samenscholing (buitenshuis, maar ook binnenshuis, wat een aantasting van de grondrechten inhoudt) en – in feite – het verbod op demonstraties. Omdat dan de onderlinge anderhalvemeterafstand niet kan worden gegarandeerd.

Eén miljoen ondernemers failliet?

Daarbij wordt de maatschappij dusdanig ontwricht dat misschien wel 1 miljoen ondernemers failliet gaan. En dat terwijl ondernemers aan het begin staan van de hele keten in de economie. Zij (en hun medewerkers) betalen – via een ingewikkeld stelsel van belastingen en sociale premies – het loon van ambtenaren, presentatoren van de Nederlandse Publieke Omroep, hoogleraren, medici, verpleegkundigen, leraren en politici. En vele anderen. De overheid kan niet functioneren zonder financiering door het bedrijfsleven, en dus de ondernemers. Dat geldt ook voor de gezondheidszorg. Zonder ondernemers bestaat er geen goede gezondheidszorg.

Totale ontwrichting

De gevolgen van de ontwrichting zijn al zichtbaar. Lege winkelstraten (al trekt dat sinds kort weer iets aan). Gesloten horecavoorzieningen (al mogen die per 1 juni deels weer openen met een nogal onhoudbare anderhalve meter afstand als basis). Geen evenementen en festivals. Een cultuursector die op zijn gat ligt. En van toerisme is al helemaal geen sprake. Laat staan van toeristische overlast. In de binnenstad van Amsterdam kun je een kanon afschieten.

De eerste faillissementen zijn inmiddels uitgesproken. Vele werknemers worden ontslagen en de economie krimpt dit tweede kwartaal met nooit eerder vertoonde cijfers. Uiteraard is het laatste percentage nog niet bekend. Maar het vergt geen raketwetenschap om dat te kunnen voorspellen.

Was het allemaal nodig?

Dat is maar de vraag. De Israëlische wetenschapper Isaac Ben-Israel betoogt dat het nut van een lockdown twijfelachtig is. Overal toont het virus namelijk hetzelfde patroon na de eerste besmetting: eerst een langzame verspreiding, dan een exponentiële versnelling en daarna een afvlakking. Met af en toe een lichte opflakkering. Ook betwijfelt hij of een lockdown wel zin heeft (gehad). Ook zonder (volledige) afsluiting zou het virus zich op dezelfde wijze hebben ontwikkeld. Een tweede golf besmettingen is zeer onwaarschijnlijk. Maar als deze toch komt, moeten we het virus isoleren waar een lokale uitbraak is. En moeten we niet het hele land opnieuw op slot gooien.

Maar goed, die lockdown heeft dus wél plaatsgevonden en daar moeten we nu echt vanaf. En dat gaat veel te langzaam, terwijl veel voorzieningen al volledig ‘open’ kunnen. Zo heeft opiniepeiler Maurice de Hond inmiddels veel blogs geschreven waarin hij internationaal gedegen onderzoek aanhaalt en becommentarieert. Conclusie: eigenlijk moet je alleen uitkijken in slecht geventileerde binnenruimten in combinatie met een lage luchtvochtigheid. Dat verklaart de ‘super spreads’, de massale besmetting tijdens kerkdiensten, in slachthuizen en verpleegtehuizen. Zijn boodschap luidt: ga juist de deur uit. Want buiten kun je het virus eigenlijk niet oplopen. #GaDeDeurUit is dan ook de hashtag die we trending zouden moeten maken op Twitter.

Duitse topviroloog wil af van de anderhalvemeterafstand

Maar goed, dat is Maurice de Hond. Een (sociaal) geograaf. Net als ondergetekende, overigens. Een geograaf is per definitie geïnteresseerd in verspreidingseffecten. Dus ook in de verspreiding van een virus. De Hond is geen viroloog. Klopt. Maar dat betekent niet dat zijn analyses geen hout snijden. Integendeel. Dat doen ze wel. Zijn bevindingen worden immers gedeeld door Christian Drosten, topviroloog en topadviseur van de Duitse bondskanselier Angela Merkel. Zijn boodschap: ‘Om virusverspreiding te voorkomen, moeten ruimten voldoende worden geventileerd. Om het simpel te zeggen: als een virus in de kamerlucht rondwaart, moet deze lucht worden verwijderd. Dat betekent dat je het raam opent, een grote ventilator neerzet die de lucht naar buiten kan verplaatsen en dat je de deur openzet.’ Echt mensen, zo simpel is het soms.

Ik acht het dan ook zeer waarschijnlijk dat Duitsland die anderhalvemetermaatregel gaat afschaffen. Over een paar weken al. En dan volgen wij ook in Nederland. Het RIVM – en in het kielzog het kabinet – lopen steeds achter de nieuwste feiten aan. De coronamaatregelen zijn geen complot, maar ze zijn wel schadelijk voor de samenleving. Want ze hebben tot meer doden in bijvoorbeeld verpleeghuizen geleid. En tot onnodige, gigantische economische schade. Dat er een beroep wordt gedaan op het moreel appèl (gezondheid boven alles, daarna de economie) werkt niet meer. En de gevolgen voor de volksgezondheid door het vastlopen van de economie zijn ook niet te overzien.

Daarom voorspel ik u het volgende

De lockdown wordt de komende weken en maanden grotendeels opgeheven. Binnen een jaar wordt weer geklaagd over te volle treinen. Binnen twee jaar wordt weer geklaagd over te veel toeristen in Amsterdam. Stenen winkels en horeca gaan weer bloeien. Meer dan de afgelopen jaren. En de anderhalvemetersamenleving (in elk geval buiten) wordt afgeschaft. Binnen nu en een paar maanden zelfs.

Degenen die de lockdown willen voortzetten en de anderhalvemetersamenleving als normaal zien, en daarbij het argument gebruiken dat ‘risicogroepen’ geen risico mogen lopen, moeten beseffen dat risicogroepen alleen kunnen worden beschermd als we terugkeren naar ‘normaal’ en weer geld gaan verdienen. Bovendien zijn de risicogroepen, vooral in de verpleegtehuizen, juist niet goed beschermd geweest. En is de boodschap aan de risicogroepen juist dat ze zo veel mogelijk naar buiten moeten. Want daar is het dus wél veilig.

Stop met boetes en strafbladen

En waarde handhavers: stop met boetes uitdelen aan mensen die op het strand naast elkaar zitten. Of samen op een zeilboot vertoeven. Of op een kleedje in het park. Stop al helemaal met dat strafblad bij een geconstateerde ‘overtreding’. Want dan begeef je je wel op onwenselijke ‘1984-paden’. Een voorzitter van het Veiligheidsberaad als de heer Hubert Bruls zal ook minder hoog van de toren kunnen blazen. Mijn devies: mensen moeten juist worden gestimuleerd om zo min mogelijk binnen te zitten. Ze dienen zich juist zo veel mogelijk naar buiten te begeven.

Komen mijn voorspellingen uit?

Nou ja, nooit helemaal natuurlijk. Dat is ook de ‘makke’ van voorspellen. Het wordt altijd anders. Maar ik verwacht wel dat mijn voorspellingen grotendeels uitkomen. Kijk dan even niet naar de precies door mij geformuleerde tijdsaanduidingen. Het kan later zijn, maar het kan ook zeker eerder zijn. We zullen zien. Maar dat die anderhalvemetersamenleving snel zal verdwijnen, is helder. En de gevolgen? Laten we hopen dat de enorme economische schade snel wordt gevolgd door een snel herstel. Laten we hopen dat die ‘V-dip’ (enorme teruggang, maar snel herstel) toch nog uitkomt. Of dat de ‘U-dip’ (enorme teruggang, maar een herstel dat veel langer duurt), maar een klein U’tje betreft.

Het coronavirus vlakt af. Een tweede golf besmettingen is onwaarschijnlijk. Nee, ook in Zuid-Korea is daar geen sprake van als in een nachtclub een paar mensen besmet raken.

En als er ergens een kleine opflakkering plaatsvindt? Isoleren die plek. Maar doe niet aan een complete lockdown. We hebben daarvan geleerd dat dit beleid rampzaliger uitpakt dan de verspreiding van het virus zelf.

Stop de mens niet in een dwangbuis

En verder? De mens laat zich niet in een dwangbuis manoeuvreren. De mens wil werken. Mensen ontmoeten. Nuttige dingen verrichten. De mens wil dan ook het openbaar vervoer weer in. De mens wil consumeren. In de echte fysieke ruimte. De mens gaat dus weer de winkelstraat in. En gaat het restaurant en het café weer opzoeken. De mens is een sociaal dier. Hij wil de wereld verkennen. Dus ja: ook Amsterdam zal weer volstromen met toeristen over niet al te lange tijd. Of je dat nu leuk vindt of niet. Het gaat wél gebeuren.

MH17 Briefing 14 juli 2014 in Kiev

De briefing die je wist dat zou opduiken is dit weekend eindelijk opgedoken. Maar niet dankzij onze regering. Het was Argos Radio dat de onderste steen Kiev Notulen in handen wist te krijgen. Daarin brengt plaatsvervangend ambassadeur Gerrie Willems op maandag 14 juli 2014 om 16u52 bij zes ministeries verslag uit van een bijeenkomst met MinBuZa Klimkin van Oekraïne. Tot op heden werd er door de Nederlandse regering alleen in hun eigen bewoordingen verteld wat er in die briefing zou staan, maar het eigenlijke document werd - ondanks herhaaldelijke verzoeken van de Tweede Kamer - niet geopenbaard. We maakten er gisteren een Turbulente Timeline over. Maar ook maar weer een filmpje, waarin we met de kennis van nu bij 3 ministers en 1 minister-president 4 keer een 'nee' moeiteloos ombuigen in een 'ja', hierboven in de embed. Geen zin in video? Zonde, maar vooruit. Dan zetten we het hieronder ook maar uiteen in wat tekst. Nu is het document boven water, en weten we waarom Rutte probeerde om het in de onderste la te houden: Klimkin vertelde namelijk op 14 juli expliciet over de aanwezigheid van Russisch luchtafweergeschut in Oost-Oekraïne, en dat de Oekraïense Antonov die dag is neergehaald met deze wapens. Zes ministeries van de regering Rutte 2 waren dankzij Gerrie Willems snelle handelen op dezelfde dag om 16u52 op de hoogte van deze raketten in de regio, maar zij deden vervolgens niets met de informatie. Behalve dan ontkennen dat er aanwijzingen waren (Rutte op 9 januari), ontkennen dat er iets met de informatie gedaan had moeten worden (Hennis op 13 januari), bezweren dat er "geen signalen" waren (Opstelten op 5 februari), en aldoor blijven herhalen dat diplomatieke documenten nou eenmaal niet geopenbaard kunnen worden omdat het relaties zou schaden (Koenders). Allemaal bullshit. Nu is de brief openbaar en blijkt uit de inhoud dat er wél aanwijzingen waren, dat er wél gehandeld had kunnen (of zelfs moeten) worden, dat er wél signalen waren en dat er nauwelijks diplomatiek gevoelige informatie in staat. Maar het gaat er niet eens meer om of Rutte MH17 had kunnen voorkomen. Het gaat er nu om dat hij achteraf gelogen heeft over vooraf bij het kabinet bekende informatie. Het is namelijk van een ongekende hufterigheid dat we een minister-president hebben die overal emotioneel over onderste stenen oreert, maar ondertussen op basis van smoesjes en leugens ter zake relevante informatie opzettelijk bleef verzwijgen. Het is onvoorstelbaar dat je bij zó een heftige aanslag, zó opportunistisch voor je eigen hachje staat de huichelen. Rutte kreeg de gevaren op meerdere schaaltjes aangereikt (ook de NAVO had immers al uitgebreid gewaarschuwd), maar deed als hoeder van de nationale veiligheid niets met die info. Achteraf steekt het kabinet vervolgens meer tijd en energie in de ontkenning dat de regering iets had moeten doen, dan het ooit gekost had om ff naar KLM te bellen en te adviseren: 'Vlieg maar niet meer over het oosten van Oekraïne, het is daar volgens onze intel niet pluis'. Nu is het plaatje van de Kiev Notulen eindelijk compleet, en rest er nog maar 1 vraag: WAAROM? Gevolgd door 1 eventuele follow-up: wanneer gaat Rutte 2 wegens laakbare nalatigheid in het beschermen van haar burgers haar ontslag aanbieden bij de koning? Hieronder ook nog een keer de GSTV MH17 MiniDocu Die Alles Zag. Gewoon, omdat daar basically alles al in zat:

onderzoeksrapport_de_achterkant_van_amsterdam

Beschrijving ernst van de drugsmisdaad in Amsterdam

Links en rechts

Sid Lukkassen – Het geheim van de klimaatpolitiek: Links verruilt het begrip solidariteit voor het begrip klimaat

Het politieke landschap was van oudsher opgedeeld in twee vakken: ‘links’ en ‘rechts’. Dit gaat terug op de Franse Revolutie – de politici die de koning steunden zaten dichtbij de koning, aan de rechterkant van de zaal. Zijn critici bevonden zich aan de linkerkant. Vandaag bestaan beide kampen nog steeds en is het landschap tussen ‘links’ en ‘rechts’ sterk gepolariseerd – om die reden werk ik aan een crowdfunding, die u hopelijk wil steunen. Mijn doel is om een boek te maken van inhoudelijke briefwisselingen met linkse denkers. Ik confronteer hen met analyses zoals nu volgt.

‘Het instinct van naastenliefde werd door links gepolitiseerd in de vorm van ‘solidariteit’ als slagzin’

Tot recent baseerde links zich op een christelijk-middeleeuws instinct van naastenliefde. Dit wil zeggen, een gezamenlijke spaarpot opbouwen waarmee je solidair wat voor de ander kunt opbrengen. Dit wortelde in een instinct dat groeide door eeuwenlang in betrekkelijk kleine en overzichtelijke gemeenschappen samen te leven, waar iedereen elkaar kende. Denk aan de middeleeuwse gilden die voor iemands gezin zorgden als de kostwinner stierf.

Dit instinct van naastenliefde werd door links gepolitiseerd in de vorm van ‘solidariteit’ als slagzin. We zitten dan middenin de Franse Revolutie en de grote arbeidersopstanden in de eeuwen daarna. Het thema solidariteit gaf links het perfecte alibi om aan herverdeling te doen en verschafte hen een concentratie van economische en politieke macht. Het thema bereikte haar hoogtepunt in de marxistische slagzin: “Arbeiders aller landen, verenigt u!

Maar die overzichtelijke gemeenschappen zijn inmiddels verdwenen en daarmee is dat diepere instinct – het onderliggende aan solidariteit als politieke boodschap – krachteloos geworden.

Mensen zijn mobieler en denken meer aan hun eigen belangen. In die zin is de maatschappij liberaler geworden en minder socialistisch. Oude banden begonnen te knellen en zijn grotendeels verruild voor gecompartimentaliseerde relaties.

(Als ik spreek over een ‘meer liberale maatschappij’ dan laat ik de omvang van de overheid binnen het Bruto Nationaal Product buiten beschouwing. Immers, de bureaucratie heeft een belang in continuïteit om de eigen positie veilig te stellen zelfs als men niet meer gelooft in de collectivistische filosofie die dit administratieve bouwwerk draagt.)

Bovendien vergt solidariteit culturele identificatie oftewel een “nationaal wij gevoel” (dat noemen we ook wel een Leitkultur). Die culturele cohesie heeft links zelf mede gesloopt. Denk aan de achtenzestig-revolutie en de massa-immigratie. De achtenzestigers hebben het verbindende cultuurhistorische erfgoed afgedaan als ‘autoritair-koloniale geschiedenis van de witte cisman’ en de massa-immigratie schiep versnipperde patronen van diverse cultuurenclaves binnen één stad.

‘Links verruilt het begrip solidariteit voor het begrip klimaat’

Wouter Bos (PvdA) en de linkse journalist Joris Luyendijk hebben dit laatste onderschreven. “Solidariteit wortelt nu eenmaal in welbegrepen eigenbelang, en kan alleen gestalte krijgen door anderen daarvan uit te sluiten. Bos: ‘Insluiting en uitsluiting horen bij elkaar. Wie met iedereen solidair is, is uiteindelijk met niemand solidair’.” Luyendijk onderstreept in zijn voorwoord in Panama Papers (2016) dat het postmoderne streven om nationale identiteit en culturele trots te deconstrueren, afbreuk doet aan de bereidheid om te betalen voor links sociaal beleid. “Solidariteit gaat terug op een nationaal wij-gevoel en daar is links juist allergisch voor.”

In een tijdperk waar de burger mobieler is, gemakkelijker dan ooit oude banden doorsnijdt en nieuwe relaties aanknoopt, moest links iets nieuws verzinnen. Een beroep op solidariteit ligt gevoelig als de burger zich niet identificeert met de persoon waarvoor hij moet betalen, omdat de culturen binnen één land uiteen zijn gedreven.

Daarom verruilt links het begrip solidariteit voor het begrip klimaat. Als je wil belasten en wil herverdelen, dan moet je de meer egoïstisch geworden stemmer, er van doordringen dat die politieke machtsconcentratie – dus de macht om klimaatverandering te bestrijden – in diens eigen belang is.

Geconfronteerd met machtige bedrijven die overheden chanteren om maar zo te verhuizen en honderden banen mee te nemen – die met hun lobbyisten en juristen keer op keer belastingenwetten in hun voordeel weten om te buigen of anders de belastingen ontwijken – komt de politiek buiten spel te staan. Beleidsmakers verloren hun greep op de grote kapitaalstromen; de klimaatpolitiek is echter hét perfecte alibi om nieuwe heffingen in te voeren en nieuwe geldstromen richting de overheid in het leven te roepen. Met dit geld kunnen weer nieuwe verkiezingsbeloften worden gedaan en zo houden politici zichzelf relevant voor kiezers.

‘Zelfs objectieve wetenschap is deel van een machtsstructuur’

Dit biedt een perverse prikkel om de naderende klimaatramp zo apocalyptisch mogelijk af te schilderen – weerman Gerrit Hiemstra pleit zelfs voor een CO2 uitstoot van nul. Wie dit letterlijk opvat, zou zelfs niet mogelijk ademen. Ongetwijfeld heeft de mens invloed op het klimaat, maar de vraag is in hoeverre er andere factoren worden meegenomen, zoals de stand van de zon, ik noem maar wat. Want door de menselijke factoren te benadrukken houdt het onderzoeksveld zichzelf relevant voor de politiek, en blijft zo verzekerd van een bestaan.

Dit laatste doet op zichzelf niets af aan de wetenschap achter klimaatbeleid – ik wil alleen laten zien dat zelfs objectieve wetenschap deel is van een machtsstructuur. Mocht immers blijken dat de stand van de zon een grotere invloed heeft op het klimaat dan de uitstoot van CO2, dan is er voor de mens weinig aan te helpen. Het onderwerp zal haar relevantie voor de politiek verliezen en de subsidiestromen zullen wegvloeien naar onderwerpen als neem nu Kunstmatige Intelligentie, die ook politiek prangend zijn. In een tijd waar academici meer tijd kwijt zijn aan het voorbereiden van subsidieaanvragen dan aan onderwijs, is dit voor klimaatwetenschappers geen fijn vooruitzicht – ze zullen erop gebrand zijn om hun posities te behouden.

Los van de inhoudelijke wetenschap achter klimaat en klimaatbeleid is er hoe dan ook een wisselwerking van geld, macht, exposure en het primen van de maatschappelijke agenda. Prof. Jorg Meuthen wees erop dat, door veel aandacht te geven aan het activisme van Greta Thunberg, de media het maatschappelijk debat kunnen klaarmaken voor linkse beleidsvoorstellen. En ook nog op zo’n wijze dat andere partijen niet kunnen klagen dat Groen wordt bevooroordeeld met zendtijd. Aandacht voor Thunberg en haar klimaatmarsen wordt immers geteld als verslaggeving over een maatschappelijke beweging en niet als afgekaderde zendtijd voor politieke partijen.

Ook zijn er de vele multinationals die vroeger voor links de klassenvijand waren – zij hebben een slecht imago, zowel qua arbeidersrechten als qua milieuvervuiling. De klimaatpaniek biedt hen kansen om hun imago te greenwashen en hier via overheidssubsidies zelfs aan te verdienen.

‘De nieuwe fixatie op klimaat is een politieke methodologie om te kunnen blijven herverdelen in een wereld zonder solidariteit’

Het verhaal over klimaatvluchtelingen, ten slotte, markeert de transitie van oud links –‘internationale solidariteit’ – naar het nieuwe verhaal. ‘Oud links’ wil nog opkomen voor de verdrukten in arme landen, maar door ook deze kwetsbaarheid aan klimaat te verbinden worden zij ‘genudged’ om stapsgewijs het klimaatparadigma te betreden.

Overigens snap ik niet dat een partij als de SP hieraan meewerkt – het betekent immers dat hun eigen verhaal aan kracht verliest ten opzichte van trendsetter GroenLinks. Maar goed, de partij loopt achter haar activisten aan, en haar activisten volgen de linkse media. Nu ben ik niet bijzonder rouwig om de voortschrijdende teloorgang van de SP; vanuit mijn objectieve denken ben ik het toch aan hen verplicht die observatie te verwoorden.

Conclusie: de nieuwe fixatie op klimaat is een politieke methodologie om te kunnen blijven herverdelen in een wereld zonder solidariteit.

Inleiding

Deze site bevat informatie over de demografische effecten van immigratie naar Nederland. Daarnaast wordt ook informatie gegeven over de kosten en baten van immigratie. 
 
Deze informatie is gebaseerd op een computermodel waarmee vier scenario's zijn doorgerekend. Deze scenario's zijn bedoeld om een beeld te geven wat het beleid van politieke partijen betekent voor de bevolkingsontwikkeling en de kosten van immigratie. 


 

 

 

Waarom deze site

Deze website komt voort uit de wens om inzicht te krijgen in de demografische gevolgen van immigratie en om die inzichten te delen met geïnteresseerden. De naam van de site verwijst daar ook naar; het gaat om de democratisering van demografische kennis in Nederland. Vandaar de naam demo-demo.nl.

Feitelijk komt mijn motivatie om deze site te beginnen voort uit vier bronnen: nieuwsgierigheid, ergernis, bezorgdheid en verantwoordelijkheid.

Nieuwsgierigheid

De nieuwsgierigheid wordt gevoed uit mijn interesse in het onderwerp immigratie. Ik was altijd al geïnteresseerd in verschillende culturen en heb vroeger ook veel gereisd, onder andere in Afrika, Azië en de voormalige Sovjet Unie. Vanuit die interesse heb ik na mijn studie wiskunde en informatica aan de Universiteit Utrecht culturele antropologie gestudeerd aan de UvA. Daarna ben ik aan diezelfde universiteit gepromoveerd op het onderwerp migratie. Mijn proefschrift ging over de kennis die economen in de loop der tijd hebben geproduceerd over de economische gevolgen van immigratie naar Nederland en ook over de vraag of die kennis wel geproduceerd mocht worden. Ik ben dus oprecht geïnteresseerd in de effecten van immigratie op de ontvangende samenleving. Daarnaast heb ik ook wel een voorliefde voor de cijfertjes achter de verschijnselen en voor het schrijven van computerprogramma's.

Ergernis

Wie op zoek gaat naar goede informatie over immigratie vindt niet altijd wat hij of zij zoekt. Daar begint de ergernis. Wie bijvoorbeeld wil weten wat een bepaalde mate van immigratie doet met de etnische samenstelling van de bevolking of het percentage moslims in Nederland, komt al snel uit bij gezaghebbende instituten als het NIDI en het CBS. Op zich zijn die uiteraard beter toegerust dan ik om een demografisch model te ontwikkelen, maar de informatie die ze produceren bevredigt niet altijd. 

Een belangrijk punt is bijvoorbeeld dat het CBS de derde generatie allochtonen automatisch tot de autochtonen rekent, ongeacht of zij zich Nederlander voelen of willen zijn. Anders gezegd: de mate en het moment van assimilatie (opgevat als zelfidentificatie met Nederland) staan bij voorbaat vast. Dat is niet realistisch. Wat ook ontbreekt zijn toegankelijke scenario's om bijvoorbeeld de ontwikkeling van het aantal niet-westerse immigranten of het aantal islamieten in Nederland te relateren aan een bepaalde mate van (asiel)migratie of aan een bepaalde mate van secularisatie of assimilatie. 

Ook bestond er geen middel om de kosten en baten van het migratiebeleid door te rekenen. Dat is onbegrijpelijk in een land waar alle verkiezingsprogramma's door het CPB worden doorgerekend. En tevens onverantwoord, want de impact van immigratie op het overheidsbudget is groot. 

Daarom besloot ik zelf een demografisch model te bouwen en een computerprogramma te schrijven, waarmee ik de demografische en economische effecten van beleidsscenario's door kon rekenen.

Bezorgdheid

Een belangrijke motivatie om al die moeite te doen is bezorgdheid. Ik voel me Europeaan en westerling en tot op zekere hoogte ook wereldburger. Maar ik identificeer me toch in de eerste plaats met Nederland. En ik denk dat teveel immigratie op de manier zoals die nu plaatsvindt niet goed is voor Nederland. 

De immigratie van teveel kansarme niet-westerse immigranten vormt een bedreiging van onze welvaart, onze welvaartsstaat en de sociale vrede. Het kernpunt is dat we door onze uitgebreide welvaartsstaat niet in staat zijn om grote aantallen immigranten van gemiddeld of laag scholingsniveau te absorberen. Veel te veel mensen komen in laaggeschoolde banen of een uitkering terecht. Dat kost grote sommen geld, omdat ook de meeste werkende immigranten over hun hele verblijfsduur netto-ontvangers van de welvaartsstaat zijn. Door structurele onderliggende oorzaken (outsourcing, robotisering, automatisering, enzovoort) is het vrijwel onmogelijk om daar beleidsmatig iets aan te doen middels banenplannen en dergelijke. 

Nu nog zijn we in staat om de latente etnische en religieuze tegenstellingen af te kopen met verzorgingsstaatarrangementen. Maar juist doordat immigratie ontzettend veel geld kost is die verzorgingsstaat op termijn niet houdbaar, als er in de toekomst sprake is van een structureel hoog niveau van ongeselecteerde immigratie. Als het huidige beleid van nauwelijks selectieve massa-immigratie wordt voortgezet, dan zullen er economische tegenstellingen - die langs etnische en religieuze breuklijnen lopen - aan de oppervlakte komen met alle gevolgen van dien. 

Daarnaast vormt een te grote immigratie van mensen die zich niet of nauwelijks identificeren met Nederland - en met de Nederlandse normen en waarden - een bedreiging voor de instandhouding van de Nederlandse samenleving. Dit geldt in het bijzonder voor de immigratie van orthodoxe moslims. Orthodoxe moslims hebben veelal een waardesysteem dat op cruciale onderdelen conflicteert met het westerse waardesysteem dat in Nederland domineert. Het gaat dan om een aantal in het oog springende punten als de gelijkheid van man en vrouw. Maar onderliggend gaat het zaken die zo mogelijk nog wezenlijker zijn. Een voorbeeld is het feit dat in het Westen religie bijna helemaal is teruggedrongen naar het privédomein. Uit onderzoek van onder andere de socioloog Ruud Koopmans is gebleken dat dit haaks staat op de visie van een groot deel van de orthodoxe moslims, die vinden dat hun religieuze wetten (de sharia) boven de wetten van Nederland staan. 

Bij kleine aantallen immigranten hoeft het niet direct een probleem te zijn dat immigranten een conflicterend waardesysteem hebben. Maar bij massale immigratie kan het leiden tot een strijd om de dominantie van het ene dan wel het andere waardesysteem. Veel progressieve mensen gaan er van uit dat culturele diversiteit altijd op voorhand goed is, een doel dat nastrevenswaardig is en tot op zekere hoogte is diversiteit uiteraard wenselijk. Maar als die diversiteit leidt tot allerlei disfunctionele conflicten in de samenleving en het democratische proces gaat frustreren, dan ligt het tegendeel meer voor de hand. 

Laten we ook niet onderschatten dat de massa-immigratie geleidelijk het waardesysteem van een samenleving verschuift. Het waardesysteem vormt een onderdeel van wat de antropoloog Marvin Harris aanduidt als de superstructure van de cultuur. Die superstructure is mede bepalend voor de wijze waarop culturen basale zaken als economische productie en menselijke reproductie organiseren. Dus een ander wereldbeeld en een ander systeem van normen en waarden kan uiteindelijk ook leiden tot een andere samenleving.

Verder is massale immigratie een potentieel probleem als veel immigranten zich niet met het ontvangende land identificeren. Symbolisch op dit punt waren de demonstraties en het vlagvertoon van Erdogan-aanhangers op de Erasmusbrug in Rotterdam na de mislukte Turkse coup. Deze mensen bevestigden wat al langer blijkt uit onderzoek van de SCP: een groot deel van de immigranten van Turkse herkomst (en ook een aantal andere groepen) identificeert zich nauwelijks met Nederland en veel meer met het land van herkomst. 

Als er steeds meer immigranten komen die zich niet of nauwelijks met Nederland identificeren, dan is dat in potentie een probleem. Want Nederland is er niet zomaar. Nederland bestaat bij de gratie van het feit dat er voldoende mensen zijn die zich met Nederland identificeren. Dat al die mensen heel verschillend zijn, maar toch ook tot op zekere hoogte gedeelde waarden en normen hebben. En dat de meeste van die mensen op de een of andere manier een inspanning leveren om Nederland - dit welvarende, vrije en vredige land - steeds weer opnieuw vorm te geven en in stand te houden. Die reproductieve capaciteit komt in gevaar door te veel immigratie.

Tot slot dit. Veel progressieven verdedigen graag de rechten van minderheden - zoals de oorspronkelijke, inheemse bevolking (indigenous population) van Amerika - op de beleving en het behoud van hun eigen taal en cultuur. Maar met datzelfde argument kan men argumenteren dat ook de indigenous population van Nederland recht heeft op de beleving en het behoud van de eigen taal en cultuur. De enige plaats waar die Nederlandse indigenous population de eigen taal en cultuur kan beleven is Nederland. Nergens anders kunnen zij heen om die beleving te hebben. Dus als de Nederlandse indigenous population dat recht op behoud van taal en cultuur heeft, dan heeft zij ook het recht om zich te vrijwaren van al te abrupte of ingrijpende veranderingen van die taal en cultuur door massale immigratie. Dit is iets waar veel Nederlanders - waaronder ik - zich terecht zorgen over maken.

Verantwoordelijkheid

Het mag duidelijk zijn dat ik de huidigeimmigratie onverantwoord vind. Het stoort me dan ook dat er behoorlijk veel mensen zijn - met name hoogopgeleide, kosmopolitisch ingestelde mensen aan de linkerzijde van het politieke spectrum - die de massale immigratie van de afgelopen decennia een mooie zaak lijken te vinden. Een voorbeeld vormt het VN-vluchtelingenverdrag. Ik denk dat dat verdrag totaal niet houdbaar is, maar nogal wat progressieven en christenen vinden dat wij altijd onderdak moeten bieden aan verdragsvluchtelingen, hoeveel het er ook zijn. Impliciet zeggen die mensen dat Nederland via het VN-vluchtelingenverdrag de mensenrechten van 7 miljard wereldburgers (en aan het eind van de eeuw 11 miljard) moet garanderen. In de praktijk gaat het in het asielherkomstgebied (ruwweg West-Azië, Afrika en enkele Europese landen) op dit moment om ongeveer 2 miljard mensen en aan het eind van de eeuw om ongeveer 6 miljard mensen. De meeste asielzoekers komen terecht in een dozijn Europese landen die samen ongeveer 400 miljoen inwoners tellen. Dat is totaal uit verhouding. Ik vind dat gevaarlijk en naïef omdat de massale migratie die daarvan het gevolg kan zijn simpelweg verwoestend uit kan pakken voor het Nederland zoals we dat nu kennen. 

Daarom zie ik het als mijn verantwoordelijkheid om middels deze site zo goed mogelijk inzicht te geven in de economische en demografische gevolgen van de massa-immigratie, juist omdat overheidsinstituten als het SCP, CBS en CPB hier de zaak op onderdelen laten liggen. Die leemte probeer ik op te vullen met deze eerste poging om alle beschikbare informatie zo goed mogelijk in één model onder te brengen. Hopelijk pakken genoemde overheidsinstituten dit initiatief op en produceren zij eindelijk een betrouwbaar model waarmee systematisch alle beleidsvoornemens en verkiezingsprogramma's inzake immigratie op economische en demografische effecten kunnen worden doorgerekend. Dat zou een goede zaak zijn, want die instituten zijn met al hun menskracht, expertise en middelen ongetwijfeld beter geoutilleerd voor deze taak dan ik.

Stemwijzer

Deze site is ook te gebruiken als een soort 'stemwijzer' op het onderdeel migratie. Er zijn vier scenario's ontwikkeld die inzicht geven in het effect van verschillende typen immigratiebeleid, begrensdmainstreamruimhartig en onbegrensd:

  • Ter rechterzijde van het politieke spectrum zijn er partijen zoals de PVV en Forum voor Democratie die de immigratie verregaand willen terugdringen. De effecten van een dergelijk beleid worden verbeeld door het scenario begrensd.

  • In het midden bevinden zich politieke partijen als de VVD die de status quo willen handhaven. De effecten van dergelijke beleid worden weergegeven in het scenario mainstream.

  • Ter linkerzijde zijn er partijen als GroenLinks en D66 die graag spreken over een ruimhartig toelatingsbeleid en het feit dat elke echte vluchteling altijd welkom moet zijn in Nederland. Voor deze partijen zijn de scenario's ruimhartig en onbegrensd ontwikkeld.

In het laatste geval is er gekozen voor twee scenario's omdat deze partijen in principe een onbegrensd beleid voorstaan waarbij het aanbod van asielzoekers de instroom bepaalt en elke uitkomst in principe mogelijk is. Met de twee scenario's worden de effecten bekeken van twee ordes van grootte van asielinstroom.

Historisch perspectief

Om de figuren elders op deze site in perspectief te plaatsen het volgende historisch voorbeeld van het mogelijk verloop van bevolkingsontwikkeling door immigratie. Volgens de CPB-publicatie Immigratie in Nederland: economische gevolgen uit 2000 waren er begin jaren zeventig 55 duizend Turkse en Marokkaanse gastarbeiders in Nederland en 20 duizend gezinsleden, in totaal 75 duizend personen. Inmiddels is deze groep meer dan vertienvoudigd tot 817 duizend personen (inclusief 33 duizend personen van de derde generatie).

 

 

 

In ontwikkeling

Deze site is uit bovenstaande motieven ontstaan. Echter, dit project is van dermate omvang en complexiteit dat het eigenlijk te veel is voor één persoon. Gelukkig heb ik meerdere deskundige mensen kunnen consulteren, waaronder Hans Roodenburg, voormalig hoofdonderzoeker van het CPB (waarvoor dank!). Ik heb naar eer en geweten, en met alle kennis en kunde die ik heb, een poging gedaan om tot een toekomstverkenning te komen. Het model en daarmee de site zijn in ontwikkeling.

Ik hoop twee dingen te bereiken. In de eerste plaats dat de gevestigde instituten een permanent lopende tool ontwikkelen om de economische en demografische effecten van het migratiebeleid (of het ontbreken daarvan) door te rekenen. Daarnaast hoop ik dat geïnteresseerden via het contactformulier komen met aanvullingen of mij wijzen op eventuele hiaten en of fouten. Eventuele wijzigingen zal ik bijhouden in een versiebeheer. 

Dr. Jan H. van de Beek

© 2017 Jan H. van de Beek